Budapest : Om u te helpen bij het plannen van uw vakantie zijn wij begonnen met het samenstellen van dit uitgebreide webportaal over Hongarije. Als eerste brengen wij u bijna vanzelfsprekend naar de hoofdstad Budapest.
In het hart van Hongarije ligt Boedapest, een stad met 1.8 miljoen inwoners. Deze grote stad wordt door de Donau in tweeën gedeeld: aan de ene kant ligt het heuvelachtige Boeda en aan de andere kant het vlakke Pest. Wanneer je op de Citadella staat of je over de kettingbrug wandelt, kun je van het unieke panorama van de stad genieten. Het panorama van de Donau oevers is door de UNESCO op haar werelderfgoedlijst geplaatst.
Aan de rechterkant van de rivier light het heuvelachtige Boeda met de Burchtwijk en het Koninklijk Paleis. In het midden van de donau en centraal in Boedapest ligt het Margaretha eiland, in het Hongaars Margitsziget. Het Margitsziget eiland kan men van zowel de Boeda als de Pest kant bereiken. Bij het oversteken van de Donau vanuit Boeda, komt u in het stadsdeel Pest. Het parlementsgebouw, de Vaci Utca (de Kalverstraat van Boedapest) en onder andere vliegveld Ferihegy zijn gelegen aan de Pest zijde.
Boeda
Het Koninklijke Paleis bevindt zich op de Burchtheuvel in Boeda, dit Paleis werd oorspronkelijk in de 14 eeuw gebouwd en 400 jaar later werd het in barokstijl verbouwd. In dit imposante gebouw bevinden zich de drukst bezochte musea en kunstgalerijen van Boedapest.
De beroemdste katholieke Matthiaskerk (Mátiás-templom) is vanwege haar uitstekende ligging bepalend voor de aanblik van het Burchtgebied. Dit is de plaats waar koningen wrden gekroond en koninlijke bruiloften werden gehouden. In 1896 is de kerk met medewerking van beroemde kunstenaars op neo-gotische wijze verbouwd.
Vanuit het Vissersbastion heeft u een prachtig uitzicht over de stad. Het Vissersbastion is aan het begin van de negentiende eeuw gebouwd naast de Matthiaskerk.
Pest
Het centrum van het politieke, zakelijke en financiële leven is aan de Pest zijde van Boedapest. Bij het oversteken van de Donau valt het kolosale Parlementsgebouw op. Dit gebouw is tussen 1885 en 1902 gebouwd en is het grootste en meest gedoceerde gebouw in Hongarije.
Achter het parlement ligt de St. Stefanusbasiliek de grootste kerk van Boedapest, de kerk is gebouwd in neo-renaissance-stijl. In de kerk ligt, de al duizend jaar intact gebleven hand van Stefanus, de eerste koning van Hongarije.
Het gebouw van de Hongaarse Staats Opera is zeker ook een bezoek waard, dit gebouw is in neo-Renaissance stijl gebouwd in 1884. Het gebouw heeft een imposante exterieur met beelden van wereldberoemde componisten zoals Mozart, Tchajkovsky, Beethoven en anderen.
Een ander belangrijk kenmerk van Boedapest is het Heldenplein dat aan de ingang van het Stadsbos ligt. Het Heldenplein/Millenium Monument is ontstaan in 1896 ter viering van het duizendjarig bestaan van Hongarije. Op het Heldenplein is op een 36 meter hoge zuil de aartsengel Gabriël te zien die de Heilige Kroon omhoog houdt.
Ook is de Hongaarse hoofd winkelstraat, de Vaci Utca (straat), een bezoek waard, in deze straat en de omliggende straten bieden de top winkels van Boedapest.
Margaretha eiland
In het midden van de Donau, tussen Boeda en Pest, ligt het voor auto's gesloten Margaretha eiland. Het eiland is 2 km lang en strekt zich uit tussen de Margitbrug en de Árpád brug. Het eiland staat onder andere bekend om het warme thermaalwater. Tevens zijn er twee zwembaden: in het broemde Hajós Alfréd zwembad worden er sportwedstrijden (onder andere waterpolo) gehouden en voor in de zomer kunnen bezoekers het openluchtzwembad Palatinus bezoeken.
In het hart van Hongarije ligt Boedapest, een stad met 1.8 miljoen inwoners.
BlockQuote Pagina Hongarije
Geschiedenis
Beide oevers van de Donau werden al door de Romeinen bewoond: op de plaats van het huidige stadsdeel Óbuda lag Aquincum, en op de plaats van Pest het kleinere Contra-Aquincum. In 35 v.Chr. kwamen de oorspronkelijke bewoners in aanraking met de Romeinen, toen een Romeins leger onder leiding van Octavianus, de latere keizer Augustus, een veldtocht ondernam. Ong. 10 v.Chr. werd er een Romeinse provincie gevormd tussen de Oostelijke Alpen, de Donau en de Sava (Sau), die Pannonia werd genoemd. De Romeinen legden langs de Donau militaire steunpunten aan. Zo ontstond in de 1e eeuw het legerkamp Aquincum. Daarnaast verrees het stadje "Óbuda" voor de burgers. Aquincum werd de hoofdstad van Pannonië en zou 30.000 inwoners hebben geteld. Tot het eind van de 4e eeuw bleef het lot van de stad verbonden met het Romeinse rijk. Er was een goed wegennet tussen de grensstad aan de Donau en de overige 25 kleine steden en de vele landelijke nederzettingen. Vondsten bewijzen dat er ook handel werd gedreven met Spanje en Zuid-Italië.
Het verval zette in toen tegen het eind van de 4e eeuw de Romeinen hun grenzen niet langer konden verdedigen tegen de invallen van Germaanse stammen en de Hunnen. Een groot deel van de bevolking sloeg op de vlucht. In 455 werden de Hunnen daar verdreven. Na de Hunnen en Ostrogoten vestigden zich in het gebied diverse nomadenstammen uit Azië. In 567 kwamen de Avaren zich hier vestigen. Tegen het eind van de 8e eeuw werden de Avaren door Karel de Grote en zijn zoon Pepijn, verslagen. Na de dood van Karel de Grote raakte het gebied weer los van het Frankische rijk. In het gebied van het oude Aquincum vestigden zich toen Slavische stammen. Uit die tijd dateert waarschijnlijk de naam Boeda ('klein huis','hut') voor het deel aan de rechteroever. Het deel aan de andere oever van de Donau kreeg de naam Pest ('hol'), misschien vanwege de vele holen, die zich daar toen in de heuvels bevonden.
De Hongaren verschenen pas eeuwen later, tegen het jaar 900. Onder leiding van Árpád veroverden ze dit gebied, dat nog voortleefde onder de naam Pannonia en waartoe Boeda en Pest behoorden. Ze ondernamen rooftochten tot in het huidige Duitsland, Frankrijk en Italië. Pas nadat ze door keizer Otto I waren verslagen, besloten ze zich voorgoed te vestigen in het huidige Boedapest en wijde omgeving. Onder hun vorst Géza (971-997) gingen ze tot het christendom over. Belangrijk was dat de rooms-katholieke vorm van het christendom en niet de Grieks-katholieke, Byzantijnse variant werd gekozen. Het jaar 1000, waarin Stefan I van Hongarije tot koning werd gekroond, kan als geboortejaar van het Magyarenland beschouwd worden. De koningen hadden omstreeks die tijd nog geen vaste verblijfplaats. Ze trokken door het land en sloegen dan weer hier en weer daar hun kampementen op.
De binnenvallende Mongolen, die Óbuda en Pest verwoesten in 1241, en stadjes en dorpen in ruïnes veranderden, dwongen koning Béla IV burchten en stadsmuren te bouwen. De Mongolen verdwenen weliswaar nog in hetzelfde jaar, 1241, waarin ze gekomen waren, maar men vreesde een nieuwe inval. Béla IV liet het betrekkelijk smalle plateau van de heuvel van Boeda met een muur omgeven en in de 13e en 14e eeuw werd in het noordelijk deel de burcht gebouwd.
Boeda, dat strategisch op een heuvel ligt, kreeg in 1247 een kasteel en werd in 1361 de hoofdstad van het koninkrijk Hongarije. Onder koning Matthias Corvinus maakten Hongarije en Boeda een bloeitijd door.
Daaraan kwam een eind met de verovering door de Turken, die het Hongaarse koninkrijk in Mohács in 1526 een vernietigende slag toebrachten en de vesting Boeda in 1541 innamen. De stad was vanaf 1686 in Oostenrijkse handen. In 1787 komt Hongarije onder Habsburgs bewind, dat tot 1918 aan de macht blijft, zij het dat vanaf 1867 Oostenrijk en Hongarije gelijkwaardige partners zijn binnen Oostenrijk-Hongarije. In deze periode maakt met name Pest een enorme groei door. De bevolking bedroeg rond 1900 730.000 zielen.
De 20e eeuw bracht nieuwe stadsuitbreidingen (Újpest, Kispest, Angyalföld), maar vooral dramatische gebeurtenissen als de deportatie en vernietiging van grote delen van de omvangrijke joodse gemeenschap (in zeer korte tijd, pas in 1944 werd de stad door de nazi's bezet), de bevrijding (maar feitelijk nieuwe bezetting) door de Sovjet-Unie en het neerslaan van de Hongaarse Opstand in 1956 door diezelfde Sovjet-Unie. Deze gebeurtenissen hebben alle hun sporen in het stadsbeeld nagelaten.
Sinds in 1989 in Boedapest de Republiek Hongarije werd uitgeroepen, is de stad het decor van ingrijpende hervormingen. De terugkeer van de markteconomie heeft het stadsbeeld zeer verlevendigd. De bevolking van de stad is in deze periode verder afgenomen (het hoogtepunt ligt in dit opzicht aan het begin van de jaren 80).
Deze pagina werd: 11466 maal bekeken.